De eerste basisverpleegkundigen betreden het werkveld: wat moet je weten?

In mei 2024 keurde het federaal parlement verschillende krachtlijnen goed die het verpleegkundig beroep hervormen. Die hervorming is noodzakelijk en moet zorgen voor een herwaardering van het beroep. Door een bredere functieladder in te voeren zal het werk efficiënter georganiseerd worden en zullen bepaalde handelingen aan afgelijnde verpleegkundige profielen toegeschreven worden. Een van die profielen is dat van de basisverpleegkundige (BV). De eerste lichting basisverpleegkundigen studeert in de zomer van 2026 af.

Er waren lang veel onduidelijkheden over de rol van dit nieuwe zorgprofiel in de thuisverpleging, maar op 10 juni 2026 werd een antwoord gegeven op enkele openstaande vragen. In dit artikel zetten we op een rij wat je moet weten over werken met basisverpleegkundigen in een praktijk thuisverpleging.
De eerste basisverpleegkundigen betreden het werkveld: wat moet je weten?
Gepubliceerd: 28 mei 2026
Laatst geüpdatet: 7 oktober 2026

Vanaf wanneer kunnen de eerste basisverpleegkundigen in de thuisverpleging werken?

Eind juni 2026 studeren de eerste basisverpleegkundigen af, waarna ze de werkvloer kunnen betreden. Hun diploma verschilt van dat van de HBO5-verpleegkundigen die in juni 2025 afstudeerden. De studenten die in juni 2026 afstuderen vallen dus onder de nieuwe federale wetgeving.
 

Wat houdt het profiel van de basisverpleegkundige in?

Een basisverpleegkundige is een beoefenaar van het verpleegkundig beroep die autonoom kan handelen in minder complexe situaties, binnen de grenzen van diens bevoegdheden.

In complexere situaties werkt de basisverpleegkundige binnen een (gestructureerd) zorgteam nauw samen met de VVAZ of met de arts wanneer er geen VVAZ deel uitmaakt van het zorgteam, al is dat laatste in de thuisverpleging niet meteen aan de orde.

Elke basisverpleegkundige werkt onder een uniek RIZIV-nummer met beroepscode 42. Het aanvragen van een RIZIV-nummer gebeurt op de traditionele manier via een aanvraagformulier.
 

Wie staat in voor de inschatting van de complexiteit van een zorgsituatie?

De inschatting van de complexiteit gebeurt telkens door de VVAZ of de arts. Wanneer de zorgcontext complexer wordt door de gezondheidstoestand van de patiënt, en de noodzakelijke zorgen de bevoegdheden van de basisverpleegkundige overstijgen, dan dient de basisverpleegkundige dit te melden aan de VVAZ of arts. Zij kunnen dan, wanneer ze dit nodig achten, de complexiteit van de zorgsituatie herevalueren.

In noodsituaties kan de basisverpleegkundige binnen de grenzen van zijn bevoegdheden de zorg zonder initiële evaluatie door de VVAZ opstarten op basis van een standaardverpleegplan. De VVAZ of de arts moet hiervan op de hoogte worden gebracht en zo snel mogelijk de toestand van de patiënt beoordelen.

Uitzondering: de basisverpleegkundige kan zelf de complexiteit van de situatie initieel inschatten voor technische prestaties die gedurende een periode van minder dan 24 uur door hem worden verleend. Bijvoorbeeld bij het ontslag van een patiënt uit het ziekenhuis, waarbij de thuisverpleging dringend moet opgestart worden.
 

Welke handelingen mogen basisverpleegkundigen uitvoeren?

Basisverpleegkundigen voeren de zorgen uit zoals aangegeven in het verpleegplan dat de VVAZ opstelt op basis van de verpleegdiagnose. In het verpleegplan worden ook de grenzen vermeld waarbinnen de basisverpleegkundige zelf elementen kan wijzigen.

In grote lijnen mogen basisverpleegkundigen volgens het Koninklijk Besluit van 20 september 2023 geen C-handelingen uitvoeren. Ze zijn wel bevoegd om verscheidene B1- en B2-handelingen uit te voeren. De volledige lijst is te raadplegen in deze tabel. Bijkomende verduidelijking over de technische verpleegkundige verstrekkingen van de basisverpleegkundige vind je hier. 

De VVAZ delegeert dus de technische B1- en B2-handelingen aan de basisverpleegkundige aan de hand van standaardverpleegplannen en/of procedures. Indien nodig kunnen een of meerdere procedures deel uitmaken van het opgemaakte verpleegplan of van een staand order.

Voor de technische B2-verstrekkingen moeten de procedures in samenspraak tussen de arts en de VVAZ worden opgesteld. De uitvoering van B2-handelingen gebeurt op basis van een voorschrift of een schriftelijk staand order.
 

Wat is het verschil tussen de studie van de VVAZ en de basisverpleegkundige?

Beide verpleegkundige titels bestaan complementair naast elkaar. De basisverpleegkundige heeft een 3-jarige beroepsopleiding gevolgd. De verpleegkundige verantwoordelijk voor algemene zorg (VVAZ) heeft een 4-jarige bacheloropleiding afgewerkt. Ze werken samen in een gestructureerd zorgteam en vullen elkaar aan.
 

Ik heb een HBO5-diploma, wat moet ik doen?

De huidige verpleegkundigen met een HBO5-diploma (studenten gestart in of voor academiejaar 2022-2023) kunnen als gebrevetteerd verpleegkundige hun taken blijven uitvoeren zoals ze dat vandaag doen. Ze behouden hun titel als verpleegkundige en worden gelijkgesteld aan de VVAZ.
 

Kan een basisverpleegkundige werken in de thuisverpleging?

Ja, basisverpleegkundigen kunnen werken in de thuisverpleging, maar enkel binnen een zorgteam. Ze zullen dus nooit autonoom kunnen werken. Dat betekent dus ook dat ze nooit een coördinerende rol binnen een zelfstandige praktijk thuisverpleging kunnen opnemen. Het is dus noodzakelijk dat ze te allen tijde onder leiding en toezicht van een VVAZ handelen (hoeft uiteraard niet in een werkgever-werknemer relatie te zijn).

Om te mogen werken met basisverpleegkundigen moet een zorgteam minstens uit 2 VVAZ’s bestaan. Binnen het team moeten duidelijke interne afspraken gemaakt worden over de samenwerking en over de permanente beschikbaarheid van de VVAZ. Die afspraken moeten schriftelijk worden vastgelegd en moeten voldoen aan de richtlijnen van het RIZIV. Vermeld hierbij:
  • de naam en het rijksregisternummer van de verantwoordelijke van het zorgteam;
  • de bepaling dat het zorgteam voldoet aan de voorwaarden van artikel 8 van de nomenclatuur;
  • de concrete organisatie van het gezamenlijke patiëntenoverleg en rapportering;
  • de concrete afspraken rond de permanente beschikbaarheid van een VVAZ binnen of buiten het zorgteam;
  • de bepaling dat de naleving van deze afspraken een voorwaarde is voor de verzekeringstegemoetkoming.

Let op: wanneer een basisverpleegkundige zich aansluit bij een praktijk thuisverpleging moet je kunnen aantonen dat er minstens 2 VVAZ's binnen de praktijk werken.
 

Mogen basisverpleegkundigen zorgkundigen delegeren?

Hoewel basisverpleegkundigen wettelijk gezien zorgkundigen mogen delegeren, valt het nog af te wachten of ze worden meegerekend in het minimumaantal van de ‘gestructureerde equipe’ om te mogen werken met zorgkundigen. Bovendien is het onduidelijk of de volledige delegatie van zorgkundigen kan worden toevertrouwd aan de basisverpleegkundige, aangezien de VVAZ de zorgsituatie per patiënt dient in te schatten.
 

Hoe kan Mederi jou ondersteunen in de werking met basisverpleegkundigen?

Als erkende dienst voor zelfstandige thuisverpleging informeert Mederi haar aangesloten zorgverstrekkers over de ontwikkelingen binnen dit dossier. Wij kijken vol verwachting naar de bredere hervorming in het zorglandschap, zodat zorg in de toekomst kwalitatief en haalbaar blijft.

Die hervormingen moeten uiteraard doordacht en zonder onduidelijkheden plaatsvinden. Ondanks dat er steeds meer duidelijkheid wordt geschept over de rol van de basisverpleegkundige, blijven er nog heel wat vragen onbeantwoord. We blijven onze leden over elke verandering informeren, zodat zij op de best mogelijke onderbouwde manier kunnen starten met basisverpleegkundigen.

We blijven inzetten op wat voor ons belangrijk is: een betrouwbare en mensgerichte thuisverplegingspartner zijn, met aandacht voor kwaliteit, vertrouwen, werkbare regels, én een gezonde dosis ‘Gene Zever’.

Ontvang onze FAQ-lijst over de basisverpleegkundigen via mail.

Nadat je je gegevens hebt ingevuld, ontvang je van ons een Q&A over het werken met basisverpleegkundigen in de thuisverpleging. 

(Privacy)